Nationale klimaatweek – Klimaat verandert steeds sneller

Gepubliceerd op 28 oktober 2021

Vandaag start de Nationale Klimaatweek en zondag begint in Glasgow de Klimaatconferentie  van de Verenigde Naties. Terechte aandacht, want het KNMI laat met zijn Klimaatsignaal’21 zien dat ook het klimaat in Nederland sneller verandert dan tot nu toe gedacht. Vechtstromen investeert al tientallen jaren in maatregelen om beter voorbereid te zijn op droogte, wateroverlast en hittestress (problemen die onstaan in stedelijk gebied als gevolg van warmte, kan in steden oplopemn tot 8 graden meer dan buiten de stad). Maar het is nog niet genoeg en we moeten echt met zijn allen aan de slag.

De afgelopen jaren maakten we in ons gebied mee wat de gevolgen kunnen zijn van extreem droge zomers. Elders in Nederland hebben we geleerd dat een extreme regenbui al gauw meer dan 100 miljoen euro schade kan geven. Dit kan ook zomaar in het gebied van Vechtstromen gebeuren. En in Limburg veroorzaakten extreme lokale buien afgelopen zomer in korte tijd tussen de 300 en 600 miljoen euro aan schade. De verwachting is dat dit soort weersomstandigheden vaker voor gaan komen en we zullen ons dus moeten voorbereiden op nog meer en nog grotere uitdagingen.

We doen al veel

Samen met onder meer de provincie, geven we in landelijk gebied meer ruimte aan onze rivieren. Bij veel neerslag kunnen we zo meer water bergen zonder dat dit leidt tot overstromingen. Dit doen we in het Vechtdal, Reggedal, Dinkeldal, Loodiep en Drostendiep. Om droogte tegen te gaan creëren we bufferzones, zoals rond het Bargerveen . Of we maken ruimte om water vast te houden, zoals in de Twentse beekdalen en brongebieden.

Tegen wateroverlast en hittestress (problemen die onstaan in stedelijk gebied als gevolg van warmte, kan in steden oplopemn tot 8 graden meer dan buiten de stad)

In stedelijk gebied, waar de schade van wateroverlast vaak het grootst is, werken we veel samen met de gemeenten. Waterlopen in steden als Hengelo en Enschede die onder de grond lopen, worden weer boven de grond gehaald. In Almelo is de binnenhaven tot in het centrum doorgetrokken, in het centrum van Emmen is een groot waterplein aangelegd, in Coevorden en in Oldenzaal worden oude buitengrachten hersteld. En ook in dorpskernen, zoals Goor, Nijverdal en Deurningen zijn waterlopen die weinig ruimte hadden verbreed tot groenblauwe klimaatcorridors. Daarmee gaan we wateroverlast en hittestress tegen.

Bergingsgebieden

Ook de aanleg van grote bergingsgebieden helpt om de enorme hoeveelheden lokale neerslag te verwerken die we in de toekomst steeds vaker zullen zien. Voorbeelden hiervan zijn het Vechtpark bij Hardenberg, het Kristalbad bij Enschede, het Genseler en Woolde bij Hengelo, de Doorbraak bij Almelo, waterberging Ossehaar bij Coevorden en de calamiteitenpolder Noord en Zuid Meene bij Gramsbergen.

Het klimaat verandert steeds sneller
De afgelopen 20 jaar hebben we gezien dat al deze extra maatregelen veel problemen en schade hebben voorkomen. Maar het klimaat verandert steeds sneller en het waterschap heeft maar beperkte mogelijkheden om nog meer maatregelen te nemen. Als je ook nog eens beseft dat maar liefst 70% van de ruimte in particuliere handen is, wordt duidelijk hoe belangrijk het is dat echt iedereen in actie komt om schade door weersextremen te voorkomen. Onze watergraaf Stefan Kuks vertelt in het magazine Het Waterschap over de uitdagingen waarvoor we staan en dat iedere inwoner in actie zal moeten komen om schade te voorkomen.

Wat je zoal kunt doen lees je op www.groenblauwtwente.nl of www.laatunietverrassen.nl.

Wil je weten wat de kwetsbare plekken in jouw stedelijke of landelijke gebied zijn?
Voor Twentse gemeenten vind je die op Klimaatatlas Twente.
Voor de gemeenten in het Vechtdal en Zuidoost Drenthe vind je die op Klimaatatlas Drenthe en Vechtdal.


Klimaatsignaal’21

Interview met Stefan Kuks

Het Waterschap